15/10/2026

Veilige, kwaliteitsvolle én doelmatige maternale zorg moet het uitgangspunt zijn.

De hervorming van het verloskundig landschap is noodzakelijk om ook in de toekomst veilige, kwaliteitsvolle en toegankelijke zorg voor moeder en kind te kunnen garanderen. 

Een bevalling verloopt meestal zonder problemen, maar kan op elk moment evolueren naar een acute en potentieel levensbedreigende situatie. Onverwachte complicaties vereisen soms een snelle en gecoördineerde interventie. Een materniteit moet daarom 24 uur per dag, 7 dagen per week beschikken over voldoende gekwalificeerde professionals, infrastructuur en multidisciplinaire expertise om dergelijke situaties veilig op te vangen.

Daarom onderschrijven wij het principe dat materniteiten voldoende volume moeten hebben om expertise, infrastructuur en personeelsmiddelen doelmatig en duurzaam in te zetten. Het KCE berekende dat een materniteit ongeveer 557 bevallingen per jaar nodig heeft om de kostprijs per bevalling te brengen op het niveau van efficiëntere materniteiten. De expertenwerkgroep voor de hervorming van het ziekenhuislandschap vertaalde dit vervolgens naar een referentie van 600 bevallingen per jaar.

Wij beschouwen deze 600 bevallingen als een onderbouwde en verdedigbare volumereferentie. Dit is voor ons geen louter budgettaire norm. Voldoende volume draagt ook bij tot het onderhouden van klinische expertise en maakt een meer duurzame inzet van schaarse zorgprofessionals mogelijk. Het is immers niet vanzelfsprekend om in een groot aantal kleine materniteiten dezelfde gespecialiseerde 24/7-beschikbaarheid te organiseren.

Volume kan echter nooit het enige criterium zijn. Bereikbaarheid, kwaliteit en patiëntveiligheid moeten steeds mee worden afgewogen. In een aantal geografische situaties kan een afwijking van de volumereferentie noodzakelijk zijn, maar deze moet transparant worden gemotiveerd en gekoppeld worden aan duidelijke kwaliteits- en veiligheidsvoorwaarden.

Een hervorming mag bovendien niet louter leiden tot het verdwijnen van materniteiten. Een eventuele concentratie moet gepaard gaan met een sterk regionaal zorgnetwerk, met duidelijke afspraken over verwijzing en transfer van zwangere vrouwen en pasgeborenen, transportcapaciteit, samenwerking met ziekenhuizen met een hoger zorgniveau en continuïteit van medische verantwoordelijkheid.

Ook de gevolgen voor het zorgpersoneel moeten vooraf worden meegenomen. Wanneer materniteiten worden samengevoegd of gesloten, zijn flankerende maatregelen nodig om expertise te behouden, personeel te laten doorstromen en nieuwe samenwerkings- en wachtdienststructuren veilig te organiseren.

Wij pleiten daarom voor een hervorming waarin veiligheid, kwaliteit, expertise, bereikbaarheid en doelmatigheid als één geheel worden beschouwd. De 600 bevallingen per jaar vormen daarbij voor ons een belangrijke en wetenschappelijk onderbouwde volumereferentie, maar moeten steeds worden beoordeeld in samenhang met de geografische context en de mogelijkheid om veilige 24/7-zorg te garanderen.

Voor ons staat één principe centraal:

Niet het aantal materniteiten bepaalt de kwaliteit van de maternale zorg, maar wel de mate waarin zij veilige, kwaliteitsvolle en tijdige zorg kunnen garanderen.

Een hervorming die dit combineert met een doelmatige inzet van schaarse mensen, expertise en middelen, is in het belang van moeder, kind én zorgverlener.

Namens

BSAR-APSAR  - Belgische Beroepsvereniging van Arts-specialisten in Anesthesie en Reanimatie – Association Professionnelle Belge des Médecins spécialistes en Anesthesie et Réanimation (Gilbert Bejjani, Algemeen secretaris - Stefaan Carlier, Voorzitter) 

VVOG – Vlaamse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (Koen Traen, Voorzitter) 

CRGOLF.be – Collège Royal des Gynécologues-Obstétricien·ne·s de Langue Française de Belgique (Maxime Fastrez, Voorzitter)