16/07/2026

Binnen het Onderzoekscentrum Sociale Inclusie van Karel de Grote Hogeschool (KdG)  loopt sinds enkele maanden het PWO-project ‘Een beetje zwijgen is goud: omgaan met disclosure in pre- en perinatale zorg en de preventieve gezinsondersteuning.’ 

Met dit onderzoeksproject willen we meer te weten komen over  hoe jonge ouders die als kind geplaatst werden -in een voorziening voor bijzondere jeugdzorg of in een pleeggezin- het contact met zorgverleners beleven tijdens de zwangerschap, rond de geboorte en in de eerste periode van ouderschap. En vooral: of en hoe ze over hun eigen jeugdhulpervaring spreken in de contacten met deze zorgverleners.

Waarom doen we dit onderzoek?

Heel wat jonge (toekomstige) ouders met jeugdhulpervaring zien een zwangerschap als een belangrijk kantelpunt in hun levensloop. Ouderschap betekent een nieuwe start. Het biedt  jongvolwassenen met jeugdhulpervaring de kans om hun eigen leven in handen te nemen en het anders te doen dan hun eigen ouders. Tegelijkertijd opent ouderschap het perspectief om niet langer (alleen maar) gezien te worden als “iemand met een jeugdhulpverleden”, maar om ook een nieuwe maatschappelijke rol op te nemen als ouder – én hiervoor ook erkenning te krijgen.

Een zwangerschap brengt toekomstige en jonge ouders daarnaast ook in contact met zorgverleners die ze nog niet eerder ontmoetten - zoals professionals in de perinatale zorg en de preventieve gezinsondersteuning. Vanuit hun opdracht hebben deze professionals ook aandacht voor mogelijke extra uitdagingen bij de start van het ouderschap. Daardoor kijken zij soms vanuit een kwetsbaarheidsbril: met verhoogde waakzaamheid, aandacht voor risico-inschatting, en vanuit een reflex om extra hulp of ondersteuning aan te bieden.

De verschillende perspectieven kunnen een spanningsveld creëren: wat door professionals bedoeld wordt als ondersteuning, kan door ouders met jeugdhulpervaring aangevoeld worden als bemoeizucht, beoordeling of controle - zeker wanneer eerdere ervaringen met stigma of wantrouwen ten opzichte van hulpverlening meespelen. Tegen deze achtergrond zullen ouders een afweging maken: wat vertel ik wel of niet aan zorgverleners? Wanneer voelt het veilig om iets over mijn verleden te delen? Welke stukken van mijn verhaal deel ik, en welke liever niet?

Dit onderzoek kan ons helpen om te begrijpen hoe jonge ouders met jeugdhulpervaring omgaan met de afweging om al dan niet in gesprek te gaan over hun achtergrond en hoe professionals op een meer sensitieve en niet-stigmatiserende manier kunnen aansluiten bij deze ervaringen.

Het onderzoek bestaat uit verschillende fases. In een eerste fase gaan we in gesprek met ouders  zelf. 

We zoeken daarom jonge (toekomstige) ouders -zowel moeders als vaders- die willen deelnemen aan een eenmalig gesprek met een onderzoeker. We zoeken deelnemers die:

  • zwanger zijn, een zwangere partner hebben of minstens één kindje jonger dan 3 jaar hebben; 
  • minstens 16 jaar en jonger dan 30 jaar zijn; 
  • voor het eerst ouder werden of zullen worden op 25 jaar of jonger; 
  • als minderjarige minstens 6 maanden uit huis geplaatst waren, bijvoorbeeld in een voorziening of pleeggezin. 

Je kan ons helpen door het onderzoek vrijblijvend onder de aandacht te brengen bij jonge ouders die beantwoorden aan deze voorwaarden. Dit kan door hen het rekruteringsfilmpje te bezorgen: https://youtu.be/eCJu-ARURjM. Of je kunt ons -uiteraard met hun toestemming- de contactgegevens van deze ouders bezorgen.

Heb je zelf nog vragen? Neem contact op met de onderzoekers: Veerle Soyez veerle.soyez@kdg.be of Elise De Groot elise.degroot@kdg.be